De Nederlandse belastingdienst heeft een speciale gave: ze beloven eerlijkere regels, maar creëren tegelijkertijd een doolhof van complexiteit die zelfs de meest gedreven beleggers doet twijfelen. De nieuwe Box 3 (wealth tax box 3) regels die in 2028 ingaan, vormen hierop geen uitzondering. Hoewel de Tweede Kamer officieel zegt “af te willen” van belasting op ongerealiseerde winsten, stemde een meerderheid onlangs tegen een motie die precies dat zou regelen. Het resultaat? Een hybride systeem dat beleggers mogelijk dwingt om belasting te betalen over winsten die alleen op papier bestaan.
De Motie Vlottes: Een Principiële Nederlaag
Op 10 februari 2026 verwierp de Tweede Kamer de motie van PVV-Kamerlid Elmar Vlottes om in Box 3 enkel gerealiseerde winsten te belasten. Met 48 stemmen vóór en 97 tégen, haalde de motie het niet. Opvallend: zelfs partijen die in het regeerakkoord beloofden af te zien van belasting op papieren winsten, stemden tegen.

De motie stelde simpelweg dat “belasting op rendement dient te gebeuren op daadwerkelijk behaald rendement en niet op winst die enkel op papier bestaat.” Een redelijk uitgangspunt, zou je denken. Toch ging hij niet door. De tegenstemmers, waaronder VVD en CDA, prefereren het huidige voorstel: een hybride stelsel met zowel vermogensaanwasbelasting (wealth increase tax) als vermogenswinstbelasting (wealth gains tax).
Het Hybride Stelsel van 2028: Twee Snelheden
Vanaf 1 januari 2028 komt er een tweedeling in Box 3:
Vermogensaanwasbelasting (VAB): De Controversiële Kern
VAB belast banktegoeden en aandelen op basis van jaarlijkse waardestijging plus ontvangen inkomen. Dit gebeurt ook als je je aandelen niet verkoopt. Heb je €300.000 aan beleggingen die in waarde stijgen naar €330.000, plus €6.000 dividend? Dan betaal je belasting over die €36.000 aanwinst, zelfs als je geen cent van je beleggingen hebt verkocht.
Dit systeem lijkt op de huidige heffing en levert de schatkist stabiele opbrengsten op. Voor beleggers betekent het een hogere spreiding van belastingdruk over de jaren. Maar het grootste probleem? Liquiditeit. Je kunt belastingplichtig worden zonder dat je ook maar één euro werkelijke winst op je rekening hebt staan.
Vermogenswinstbelasting (VWB): De Uitzondering
Vastgoed en aandelen in start-ups of scale-ups vallen onder VWB. Hier betaal je pas belasting bij verkoop. De waardestijging van je pand wordt pas belast als je het daadwerkelijk vervreemdt. Dit voelt eerlijker, maar het kabinet vindt een volledige overstap naar VWB op korte termijn “niet haalbaar” vanwege uitvoeringsrisico’s.
De Politieke Draaikont: Van Belofte Tot Tegenstem
In het coalitieakkoord van D66, VVD en CDA staat letterlijk dat men “af wil van belasting op ongerealiseerde winsten” en het stelsel wil “doorontwikkelen” naar vermogenswinstbelasting. Toch stemden deze partijen tegen de motie die dat precies regelde.
De reden? Het huidige voorstel is een compromis uit 2024 dat aan de wensen van GroenLinks-PvdA en D66 voldoet door een VAB te combineren met uitzonderingen. Bovendien kost elk jaar uitstel de schatkist circa €2,4 miljard. Die begrotingsdruk weegt zwaarder dan principiële bezwaren.
Zoals econoom Milton Friedman ooit zei: “Er is niets zo permanent als een tijdelijke wet.”
Praktijkvoorbeelden: Wanneer Theorie Pijn Doet
Scenario 1: De Goede Belegger
Frits begint 2028 met €300.000 aan beleggingen. Het wordt een goed jaar: zijn portfolio groeit naar €330.000 en hij ontvangt €6.000 dividend. Onder VAB betaalt hij bij een tarief van 34% belasting over de aanwas van €36.000 (na een heffingsvrij inkomen van €800). Dat kost hem €11.968, ook al heeft hij niets verkocht.
Scenario 2: De Crash en Herstel
In 2028 daalt Frits’ portfolio naar €285.000, maar hij ontvangt wel €4.000 dividend. De netto aanwas is negatief, dus hij betaalt geen belasting. Maar wat als de markt in 2029 herstelt naar €310.000? Dan wordt die waardestijging belast, zelfs als het gewoon herstel is van eerder verlies. De Belastingdienst eist een deel van je papieren winst, ongeacht of je ooit echt geld hebt gezien.
Scenario 3: De Vastgoedbelegger
Frits verhuurt een woning die hij voor €400.000 kocht. Hij ontvangt €15.000 netto huurinkomsten per jaar, die onder VAB belast worden. Pas bij verkoop in 2033 voor €520.000 betaalt hij VWB over de €120.000 waardestijging. Dit is het enige scenario waar je echt controle hebt over de timing van je belastingaanslag.
Liquiditeitsrisico’s: De Grootste Gefrustreerde
De meest voelbare impact is het liquiditeitsrisico. Je kunt een belastingaanslag krijgen terwijl je beleggingen juist in waarde zijn gedaald. Stel: je aandelen stijgen in 2028, je betaalt belasting, maar in 2029 storten de koersen in. Die belastingaanslag blijft staan. Je moet misschien beleggingen gedwongen verkopen om de fiscus te betalen, precies op het verkeerde moment.
Dit raakt iedereen met illiquide vermogen: vastgoedbezitters, maar ook gewone beleggers die niet zomaar willen verkopen. De remedie blijkt erger dan de kwaal.
Wat Nu? De Procedurele Molen
De motie is verworpen, maar het wetsvoorstel moet nog langs de Eerste Kamer. Daar is BBB de grootste partij, en de vraag is of zij de rechtmatigheid van het voorstel zullen toetsen. De definitie van “werkelijk rendement” was zelfs voor de Hoge Raad niet ondubbelzinnig uit te leggen.
Er liggen ook nog moties om het heffingsvrije resultaat te verhogen naar €3.600 en om uiterlijk bij het Belastingsplan 2029 een volledig VWB-stelsel te presenteren. Maar amendementen om het huidige voorstel aan te passen, worden door het ministerie ontraden vanwege uitvoeringsproblemen of kosten.
Actiepunten voor Beleggers
-
Cashflow is koning: Zorg dat je voldoende liquide middelen hebt om belasting over papieren winsten te kunnen betalen zonder te hoeven verkopen.
-
Timing wordt cruciaal: Overweeg strategisch om beleggingen te verkopen in jaren met verliezen, om de belastingdruk te spreiden. Dit is complex en vereist professioneel advies.
-
Vastgoed vs aandelen: De scheiding tussen VAB en VWB maakt vastgoed aantrekkelijker door het uitstel van belastingheffing. Heroverweeg je vermogensallocatie.
-
Blijf volgen: De politieke druk voor volledige VWB blijft. De situatie is dynamisch en kan snel veranderen.
-
Gebruik interne bronnen: Voor een diepere duik in de impact op specifieke beleggingen, zie deze analyse van het effect op aandelen en crypto en hoe portfolio-herstel kan leiden tot een ‘herstelbelasting’.
De Onderliggende Vraag: Waarom Nu?
De haast wordt verklaard door “begrotingsdruk” van €2,4 miljard per jaar uitstel. Tegelijkertijd presenteert het kabinet plannen voor een klimaatfonds van €200 miljard. Voor een begrotingskwestie van nauwelijks 1% van dat bedrag wordt het heilig recht op privé-eigendom opnieuw herzien.
De wet roept ook op tot het doorontwikkelen van het hybride stelsel naar volledige vermogenswinstbelasting. Maar zoals de praktijk leert: een wet die tijdelijk is, blijkt vaak permanent.
Conclusie: Voorbereiden op Onzekerheid
De afwijzing van de motie Vlottes betekent niet het einde van het verhaal. Het betekent wel dat beleggers vanaf 2028 moeten leven met een systeem dat belasting heft over winsten die mogelijk nooit materialiseren. De enige zekerheid is dat de fiscale omgeving complex en dynamisch blijft.
Voor internationale bewoners van Nederland is dit extra relevant: je hebt misschien geen stem bij verkiezingen, maar je voelt wel de impact. Het is zaak om je vermogensplanning aan te passen aan een systeem waar papier waardevoller is dan geld op de bank.
De strijd om Box 3 is nog niet voorbij. Maar voor nu lijkt de boodschap duidelijk: spaarzaamheid wordt beloond met complexiteit, en papieren winsten met een echte aanslag.



